Old Muscat: Water, of geen water

We drinken, bij ons voorgerecht in een echt Omaans restaurant, een glaasje water met een klein beetje “Frankincense”. Een hars wat uit een boom wordt getapt welke hier voorkomt. Een vage zoete smaak, bijna niet te proeven. Eigenlijk hebben we geen idee wat het is. Pas terug op de kamer wordt het tijd om het uit te zoeken. Wikipedia en andere bronnen leggen ons van alles uit over dit product, tot zelfs de chemische bestanddelen en structuur. Ook het gebruik wordt uitgebreid beschreven. Parfum, olie, geneeskundig en gebruikt in kerken sinds het ontstaan ervan. Maar nog steeds blijft het vreemd. Een product wat we niet kennen en toch overal gebruikt wordt. Het voelt alsof we iets gemist hebben.

Na lang zoeken, en steeds verder de weg kwijt te raken in te veel informatie en details, proberen we gewoon eens het woord te vertalen. Het Engelse woord “Frankincense” wordt vertaald door “Wierook”. Dat heb ik genoeg geroken, in misdienaar uit het wierookvat, op brandende stokjes of blokjes in de studentenkamers. Eigenlijk meer dan genoeg geroken en nu voor het eerst gedronken, een glas was eigenlijk ook genoeg.

Voor dit etentje hebben we een echte culturele dag gehad. In de ochtend naar het oude Muscat. Een klein plaatsje in kleine baai, tussen de rotsen aan de zee. Maar dit is wel de hoofdstad. Met kantoren voor belangrijke departementen, gevestigd in mooie witte, lage gebouwen met prachtig onderhouden wegen en plantsoenen, gazons vol bloeiende planten en prachtige bougainvilles. Daarnaast is er het Nationale Museum. Een schitteren gebouw, hoge zalen vol met geschiedenis. Van een volledige dhow, traditionele kleding, meubels, sieraden, aardewerk tot een bijltje welke volgens de beschrijving 2 miljoen jaar geleden hier gebruikt is. Zelfs als al deze geschiedenis niet interessant is dan is het gebouw zelf al een bezoek waard en indrukwekkend.

Daarna lopen we langs het paleis, gebouwd in 1972, maar met een grandeur van oude paleizen. Een groot complex, het trottoir ernaartoe is deels gewoon van glimmend marmer. Hier woont de macht en de rijkdom. De bewoners van het paleis kijken uit over de zee. Rondom op de rotsen en bergen staan overal uitkijktorens en twee forten, allemaal uit de 16de eeuw om de baai te beveiligen tegen de Portugezen. Nu staan er een paar lichte kanonnen in de tuin, lopen er militairen voor het hek en vaart er een fregat in de verte op zee. Het is onwerkelijk, bijna een sprookje, waar muren en torentjes een dynastie nog kan bewaken.

Daarna nog een tweede museum, nu in een normaal huis. Beetje vol en rommelig met een educatieve inslag met uitleg over van alles en nog wat. Een tweede gebouw is een authentieke hut van de oude volkeren en zelfs een maquette (formaat huisjes zoals in Madurodam) van een oude nederzetting in de bergen, Inclusief poppetjes van kamelen en geiten, ontbreekt niet. Een derde gebouw met kaarten en oude foto’s bij de uitgang maakt de geschiedenisles helemaal af. Zelfs de uitleg over de “Frankincense” boom komt aan bod.

Aan de overkant een galerie met moderne kunst, mooi. Eindelijk gewoon werk wat gemaakt is om mooi te zijn.

We lopen de drie kilometer langs de boulevard terug naar de souq in Matrah. Bezweet lunchen we met een glaasje water op een terras.

Aan het einde van ons traditionele diner drinken we thee en Omaanse koffie. Licht gebrande koffie met saffraan, kardemom en roos water erin. Daarnaast een grote schaal dadels. Het eten was heerlijk. Een schotel van vlees, met kruiden en dadel pasta in zes uur gegaard in bladeren onder de grond. Zeer kruidig, droog, touwtjesvlees. Erbij rijst met kaneel erdoor. En een gegrild visje met rijst. Een glas goede rode wijn bij het vlees en een glaasje Chardonnay bij de vis en dit was een echt feestmaal geweest.

Maar wij drinken nu wierook water en missen toch iets, voor het eerst deze vakantie.

Oman, 18 Februari 2020

joepj Written by:

Be First to Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *